NIEUWS |

Interview met rijinstructeur en docente Tanja Walter

Het zonnetje schijnt heerlijk als we bij Tanja van Rijschool Walter uit Sint-Oedenrode in de lesauto stappen. We mogen 1,5 uur meerijden tijdens een rijles met leerling Lobke. Er hangt een ontspannen sfeer en er wordt tussendoor lekker gekletst. Ook wordt er zo nu en dan gelachen. “Hey Lobke, net bij dat kruispunt…. Stond daar niet een bord met iets erop?” vraagt Tanja. “Uhm, ja er stond STOP op”, antwoordt Lobke. “Precies”, reageert Tanja. “Oh, dan moet je dus écht stoppen?” wil Lobke weten. “Haha, ja dat lijkt mij wel verstandig”, bevestigt Tanja lachend.

lesauto

Rijschool Walter

Rijschool Walter bestaat al sinds 1 april 1989. De moeder van Tanja is de rijschool begonnen. Toen haar moeder door een hernia in bed lag, moest haar vader een gedeelte voor zijn rekening nemen. Dat beviel hem ontzettend goed. Uiteindelijk is hij actief gebleven in het geven van motorrijlessen en theorielessen voor bromfiets, auto en motor, totdat hij gezondheidsproblemen kreeg. De rijschool heeft daarna de keuze gemaakt om te stoppen met de motor- en aanhangwagenrijlessen. In 1998 begon Tanja haar carričre als rijinstructeur en dat doet ze met veel plezier. Samen met haar moeder richt ze zich nu volledig op het geven van autorijlessen voor categorie B. Daarnaast is ze werkzaam als docent bij De VerkeersAcademie. 

Waarom heb je voor dit vak gekozen?

“Tja, mijn keuze voor dit vak, was onverwacht. Ik was 16 jaar en werd geopereerd aan een neusoperatie. Daarbij hebben ze mijn reukvermogen zo beschadigd dat ik nu niets meer kan ruiken. Omdat ik de opleiding deed om ooit een eigen hotel te mogen starten, moest ik daarmee stoppen. Niet kunnen ruiken in de horeca is onmogelijk. Ik ben toen gestart met een nieuwe opleiding in de verzorging, totdat ik een hersenvliesontsteking kreeg. Opnieuw moest ik noodgedwongen stoppen met school. Daarna ben ik zes maanden uit beeld geweest. Mijn moeder kwam toen met het idee voor mij om ook mijn instructeurspapieren te halen, zodat ik in ieder geval iets zou hebben om op terug te vallen. Ik kon altijd daarna nog wat anders gaan doen. Maar ik ben nooit meer wat anders gaan doen. Ik vind het werk zo leuk, dat ik het nu inmiddels alweer 20 jaar doe.”

Wat maakt het vak zo leuk?

“Voor mij het feit dat ik continu met mensen mag werken. Samen bouw je naar zelfstandigheid in het verkeer en zie je elke les weer vooruitgang. De enthousiasme van een leerling die zit ook in mij. Ik heb echt heel veel plezier in mijn werk.”

En wat zijn voor jou de voordelen van werken als rijinstructeur?

“Het voordeel voor mij is vooral dat ik mijn werk goed kan combineren met de opvoeding van mijn kinderen. Ik ben sinds 2009 gescheiden en de kinderen zijn 13 van de 14 nachten bij mij. Ik kan dus werken als de meisjes op school zitten.”

Is er ook iets wat je lastig vindt aan het vak?

“Ik vind op zich niet veel lastig. Het enige waar ik soms tegen aan loop is dat ouders aangeven dat ze de rijlessen prijzig vinden. Veel ouders willen natuurlijk dat hun kinderen zo snel en goedkoop mogelijk hun rijbewijs halen, maar dat is niet altijd mogelijk. Soms kost het aanleren van de juiste rijvaardigheden heel wat extra tijd. Elke leerling heeft daar een eigen tempo in. Dat overhaasten zorgt voor onveilige verkeerssituaties.”

Geef je ook les aan mensen met bepaalde persoonlijkheidsstoornissen?

“Ja, ik geef zeker les aan mensen met persoonlijkheidsstoornissen. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan leerlingen met autisme, borderline, faalangst en ADHD. Erg uitdagend werk, waar ik veel voldoening uit haal. Jammer genoeg heeft de maatschappij vaak nog een negatieve visie op deze groep mensen in het verkeer, maar er is zoveel aan te leren en uit te halen. Om deze groep goed te kunnen ondersteunen heb ik scholing gevolgd bij Spectrum Brabant.”

Rijschool

Hoe komt Rijschool Walter aan nieuwe leerlingen?

“Eigenlijk hoeven we daar niets voor te doen. Nieuwe leerlingen komen bij ons via mond op mond reclame. We adverteren verder nooit, behalve 1 x per jaar in het lokaal carnavalskrantje.”

Je bent ook docent bij De VerkeersAcademie. Kan je daar wat meer over vertellen?

Sinds 2011 ben ik werkzaam bij de verkeersacademie als docent Taxi (theorie en praktijk), docent Fase 1.B (voertuig- en verkeersbeheersing) en docent Fase 3 (het leren lesgeven aan de leerlingen in de lesauto). Daarnaast geef ik de training basis en gevorderden Autisme/ADHD. Ik vind het erg leuk om bij jullie te mogen werken. Er hangt altijd een gezellige sfeer en ik heb veel mogen leren van Riny. Verder werkt De VerkeersAcademie volgens dezelfde principes als ik bij mijn rijschool, namelijk dat de leerling centraal staat. Dat is voor mij erg belangrijk.”

Hoe ziet een praktijkdag er voor jou uit?

“Een praktijkdag begint om 9:00 uur met het bekijken van het geschreven lesplan van de student. Zodra daar geen vragen over zijn, stappen we de auto in. Ik neem dan de rol van leerling op mij. Soms laat ik een medestudent die rol op zich nemen, zodat ik notities kan maken op de achterbank. Om 10:15 evalueren we de ‘rijles’ bij De VerkeersAcademie onder het genot van koffie. Vervolgens gaan we verder  met het aanscherpen van het lesplan en zetten we zogezegd de puntjes op de i. Van 12:00 tot 13:00 is er pauze. Daarna ga ik weer op pad met een nieuw lesplan en een ander student. Mocht ik die dag taxipraktijkles geven, dan leer ik ze rijden met navigatie, het comfortabele rijden, het toepassen van het nieuwe rijden en communiceren met de klant in de taxi. Ook leer ik ze het aanrijden van de routes die bij het taxi examen verplicht zijn.”

Kan iedereen rijinstructeur worden?

“Nee, dit vak is zeker niet voor iedereen geschikt. Je moet je goed in kunnen leven in de leerling. Je moet engelengeduld hebben, en het niet erg vinden om een keer te werken op zaterdag of in de avonduren. Het komt ook wel eens voor dat je tien keer hetzelfde moet uitleggen, dan is het belangrijk om rustig te blijven. Geen enkele leerling is hetzelfde, dus daar zal je jezelf op in moeten stellen. Vaardigheden kunnen aangeleerd worden, maar de innerlijke rust en het inlevingsvermogen die moet je al hebben. Dat kun je niet aanleren.”

En nu de grote vraag. Hoe zit het met het vooroordeel dat vrouwen over het algemeen slechtere chauffeurs zijn dan mannen?

“Haha, ja die vraag krijg ik vaker. Ik denk dat vrouwen een rustigere rijstijl hebben, waar de wat gehaaste man in het verkeer zich aan kan irriteren. En waar het bij de man weleens te snel gaat, denkt de vrouw tien keer na voor ze iets doet. Dat gaat niet altijd goed samen. Maar wie er beter is, dat is niet te zeggen.”

Heb je tot slot nog tips voor een startende rijinstructeur?

Je stageplek is ontzettend belangrijk. Denk goed na over waar je gaat lesgeven aan leerlingen. Je stage is 5 uur passief en 35 uur actief. Zorg dat je langs leerlingen hebt gezeten van alle niveaus. Je moet leren wanneer je wel of niet in kan grijpen. Ga pas op voor je laatste examen als je er zelf klaar voor bent om alleen naast een leerling te gaan zitten. Ook moet je nu gaan nadenken of je echt voor jezelf gaat beginnen of bijvoorbeeld als franchisenemer. En of je dan een lesauto gaat kopen of leasen. Zet daarbij alle voordelen en nadelen duidelijk op een rij en weeg ze tegen elkaar af. Tot slot is het heel belangrijk om niet onder de prijzen van je collega’s te gaan zitten. We zijn er namelijk niet om elkaar kapot te maken of om de markt kapot te maken. Wil een leerling gedegen kwaliteit dan moet daarvoor betaald worden.”

←  Terug naar het nieuwsoverzicht